dinsdag 27 oktober 2015

Een vlucht tot helemaal in het Zuiden

Dinsdag 27 oktober

We zeggen vaarwel aan het stofferige Hyderabad. Onderweg naar de luchthaven rijdt de taxi nog eens door de wijk waar Madeleine vroeger ooit fietste, in de dagen dat een dochter van Sabitha er woonde. Dat fietsen zou nu heel moeilijk zijn: vele gewone huizen zijn verdwenen en hebben plaats gemaakt voor buildings van twintig verdiepingen en het verkeer is er druk. In de luchthaven valt op dat de eerste versieringen zijn aangebracht voor Divali, het hindoefeest van het licht dat over twee weken doorgaat. Voor Sabitha wordt het de eerste keer dat zij in een vliegtuig zit. Zij heeft vertrouwen. Zij bewondert in de lucht vooral het wolkenspel.

Ons reisdoel is de staat Kerala, met tussenstop in Chennai, een dubbele vlucht van telkens zo'n 600 km. We worden in Trivandrum opgewacht door priester Vincent, die ik ken vanuit Zonhoven, vanuit zijn contact met de familie Wouters. Hij neemt ons onmiddellijk mee naar het klooster van de Karmelieten. Zij hebben een grote bijdrage geleverd aan de christelijke kerk in de streek. Als we in de sacramentskapel binnengaan, krijgen wij al een eerste teken van leven in deze geloofsgemeenschap: binnenin zitten een tiental mensen persoonlijk te bidden, en het is een wissel van komende en gaande gelovigen. Blijkbaar is dat daar gans de dag zo! Vincent brengt ons ook in een ondergrondse crypte, waar de paters begraven werden tot een twintig jaren terug. Vele Vlaamse paters liggen er: zij behoorden tot de ‘Vlaamse’ provincie, maar werkten tot hun dood in India.

We logeren aan de kust en morgen gaan we met father Vincent de berg op, naar zijn internationaal pelgrimskruis.

 
Divali-versiering in de luchthaven.

 
Madeleine en Sabitha voor de vlucht, in Hyderabad.

 
Aankomst in Trivandrum.

 
Kapel van altijddurende aanbidding:
het is er bijna letterlijk zo.

 
Grafstenen van paters uit Karmelprovincie 'Vlaanderen'.

 
Ingang van de begraafcrypte van de paters Karmelieten in Trivandrum.
 
 

De schoonheid en kracht van de Qutb Shahi sultans

Maandag 26 oktober

De stad Hyderabad toonde ons vandaag de mooiste overblijfselen van zijn geschiedenis. Het Golcondafort dateert uit de tijd van de Qutb Shahi-dynastieën (1507-1687). Het was de hoofdstad van de streek, tot vanaf 1591 een nieuwe hoofdstad werd gekozen in Hayderabad. Het gebied heeft de grootte van een kleine stad, volledig ommuurd over een lengte van bijna 10 km. Helemaal in de hoogte lagen de koninklijke vertrekken van de sultan. Er was een uitgekiende voorziening voor water en voor voedsel. Als de wachter bij de poort onderaan een bericht doorgaf, bereikte dat door een echo-effect de bovenste vertrekken, enkele honderden meters verder. Wij wandelen en klimmen er doorheen. Als wij helemaal boven zijn ontdekken wij zwaluwnesten: zwaluwen uit Europa komen hier blijkbaar overwinteren. Madeleine en ik vallen ook op als westerlingen: herhaaldelijk vragen Indiërs ons of wij op de foto willen poseren met hun familie.
Daarna houden we halt bij Qutb Shahi Heritage Park: de sultans uit de tijd van het Golcondafort lieten hier tijdens hun leven reeds een graf bouwen. Het zijn telkens koepelgebouwen, versierd volgens de kunst van hun tijd. Op dit ogenblik zijn zij in restauratie. Enkele zijn van buiten weer mooi wit. Als dit park volledig gerestaureerd is wordt het een toeristische parel voor Hyderabad. Nu betalen wij nog maar anderhalve euro als inkom voor drie personen, voor parking van de riksja en voor de toelating om foto’s te maken. En andere westerlingen zien wij hier niet.
Tegen de avond gaan we naar de Charminar: een gebouw met vier torens, zo’n zestig meter hoog. Gebouwd in 1591 door koning Mohammed Quli Qutb Shah, de man van de gelijknamige dynastie. Het is het hart van het oude Hyderabad. Bovenaan bevindt zich de oudste moskee van de stad. Maar onderaan ligt ook een hindoe-heilligdom, want een van de vrouwen van de sultan was hindoe. In die periode hield de verwoesting op van hindoetempels en andere oude heiligdommen en werd gestreefd naar universele verdraagzaamheid. Even verder ligt een andere grote moskee. Daar worden we geconfronteerd met de kwetsbaarheid van die verdraagzaamheid: hier gebeurde in 2007 een aanslag; tijdens het vrijdaggebed ontplofte een bom tussen de biddende mannen, met een tiental doden tot gevolg. Sindsdien is er controle bij de ingang en ook mijn fototas wordt gecontroleerd. Dit deel van de stad wordt vooral door moslims bewoond. Je merkt het aan de vele vrouwen in het zwart.

 
De wachter geeft een signaal ...

 
... en de echo brengt het tot boven.

 
Uit de harem van de sultan.

 
De stadsmuur, tot aan de torens bovenaan.

 
Europese zwaluwen in India?


 
Bij de vertrekken van de sultan.

 
Het verblijf van de sultan.

 
Twee grafmonumenten, eentje ten dele gerestaureerd.

 
Charminartorens met moskee.

 
Kleurrijke winkels en kraampjes in de oude stad.


 

zondag 25 oktober 2015

Op zoek naar gezondheid en genezing

Zondag 25 oktober

We zouden vandaag eens langs gaan in een ayurvedisch centrum, dat zich toelegt op de energiemeting van de chakra’s. Madeleine en Sabitha waren er nog ooit geweest, jaren geleden, en zij wilden weten hoe dart centrum nu functioneerde. De leider van het centrum, dokter Murty, is nu 80 jaar en zou er niet meer zijn. Tot hun grote verwondering was hij er toch, hij herkende de twee vrouwen en het was een blij weerzien. Zijn schoondochter was bereid om voor ons een meting te doen. Eerst bij Madeleine. Bij het meten van haar energie vroeg de assistente: ‘Wat ben je aan het doen? Je energie gaat te ver.’ Madeleine bekende dat zij de Ohm-klank in haar binnenste aan het chanten was. De assistente vroeg om daarmee te stoppen en daardoor kon haar energieveld ook bepaald worden: het bedroeg 6 meter. De meting van haar organen toonde aan dat zij volledig in balans was. Dan was het mijn beurt. Mijn energiemeting kwam uit op 5 meter, en zelfs op 6, als ik mijn horloge en ring uitdeed (metaal heeft een negatieve lading blijkbaar). En mijn chakra’s zaten goed, op de navelchakra na: de aura rond mijn maag en ingewanden is niet in evenwicht. Ik kreeg ook wat advies mee, o.a. het bandje van mijn horloge vervangen, om overal meer in balans te zijn.
Nadien en na de lunch naar een katholieke kerk op onze weg: de basiliek van Mariatenhemelopneming. Een mooi gebouw, met een reuze piëta op het plein voor de kerk, en rondom de staties van de kruisweg en de mysteries van de rozenkrans (momenteel in restauratie). Binnen in de kerk lagen de bewakers te slapen: twee wel doorvoede honden. Als voedsel kregen we de tekst mee uit het evangelie over Bartimeüs: ‘Je geloof heeft je genezen’.
In de vooravond maakten we kennis met Prenno, de zoon van Sabitha. Zijn vrouw en zoontje Tavas hadden we reeds eerder gezien. De rit in de riksja naar hun huis en terug, was erg stofferig: geen wonder dat mensen in de straat of in het verkeer soms een mondmasker dragen.
 
 
 
De meting van de aura van de chakra's.

 
De meting van de energie-uitstraling.

 
Dokter Murty is heel blij met onze 'Westerse' aanwezigheid.

 
Piëta en ingang van de basiliek.

 
Voorzijde van de basiliek 'Maria Tenhemelopneming'

 
Hoofdaltaar en zijaltaar in de basiliek,
met de evangelietekst van de zondag.

 
Een van de slapende bewakers.
 

zaterdag 24 oktober 2015

Van het oude en van het nieuwe India

Zaterdag 24 oktober

Vandaag naar een heel nieuwe tempel geweest: het Birla-heiligdom. Birla is geen god, maar een familie die actief is in de bouw. Die familie heeft, samen met de firma Tata (het Indische Toyota) een tempel gebouwd in marmer, ter ere van Sri Venkateswara. Het is dus eigenlijk een Venkantaswara-tempel, maar iedereen heeft het over de Birla-Mandir (het is alsof de Sint-Quintinuskerk de naam zou krijgen van ‘Ethiaskerk’). Het heiligdom is helemaal uit marmer opgebouwd, de sneeuwwitte marmer van Rajasthan. Het ligt op een heuvel en is toegewijd aan Venkataswara, een verschijningsvorm van Vishnu en vooral gezien als een god van liefde en gelijkheid. In de hoofdtempel binnen geraakten wij niet: het was te lang aanschuiven. Maar rondom was er een mooie meditatieruimte, met teksten uit meerdere godsdiensten, o.a. de bergrede. Ook een sterke tekst van Sri Aurobindo: ‘Als je god zoekt, zoek hem dan in de arme; als je god zoekt en je vindt hem alleen in het bidden, dan sta je nog maar aan het begin’. Van ‘gelijkheid’ en ‘gelijkwaardigheid’ merkten we weinig in de trein: een man weigerde plaats te maken voor een vrouw. Ik gaf teken aan de vrouw dat zij bij mijn zus mocht gaan zitten en ik ging naast de man zitten, en toen maakte hij wel ruimte.

Tegen de avond gingen we naar Shilparamam, een park waarin de Indiase cultuur bijzondere aandacht krijgt. Er was nog een uitloper van het Durga-feest, met Indische dansen. Daarnaast is er aandacht voor het ‘oude India’: je kan er de huizen van vroeger zien (met een dak van bananenbladen), je kan er rondrijden in een ossenkar (die toch nog niet helemaal uit het straatbeeld is), je kan er allerlei voorwerpen kopen die door Indische vaklui worden gemaakt, er is een laan met oude en met moderne beelden, enz. Je zou kunnen zeggen: het is een mini-Bokrijk van India, inclusief speeltuin. Wat nogmaals accentueert hoe India een ontwikkeld land is geworden.
 
 
Marmeren trap naar de tempel

 
Venkataswara-heiligdom (koepel is achter de rode plant) 
 
 
Ingang van het Shilparamam-park


 
Beeld van de heilige moeder Teresa van Calcutta

 
Een dans voor de goden

 
Elk gebaar heeft betekenis.

 
Eindelijk een Boeddhabeeld op onze weg 
(Noord-India is meer boeddhistisch).

 
De koning en koningin van Mysore op een olifant,
een beeld van vroeger.
 
 

vrijdag 23 oktober 2015

In treinen en de botsauto's

Vrijdag 23 oktober

Shreemayi nodigde mij gisteren uit om mee te gaan naar de opening  van een nieuwe winkel voor sari’s in Nellore, de zevende in de keten ‘Varamahalaxmi, store for wedding sarees’. Toen ik Shreemayi en Vaishnavi zag staan in hun mooiste jurken, kwamen in mij de kriebels om mee te gaan, niet voor de sari’s, maar om te kijken naar de Indische dames in hun mooiste kleren. Zij introduceerden mij bij Kalyan, de eigenaar van de winkelketen, en een goede vriend van Shreemayi in  Hayderabath. De man legde mij uit dat zijn winkel als een tempel is: je gaat er blootsvoets binnen (wij ook dus) en je wordt er met eerbied en waardigheid behandeld. Bij de ingang van de tempel stond trouwens een Shivabeeld, omgeven met bloemen en kaarsen, met ook een hindoepriester erbij, die je gezegend water aanreikte waarmee je je voorhoofd of andere chakra’s kan voeden. Een winkel helemaal in de hindoecultuur en bovendien erg mooi gedecoreerd. De sari’s zijn van verschillende stoffen en zijn ook verscheiden in decoratie. Prijzen variëren van 10 euro tot 100 euro, maar men toonde mij er ook van 400 euro, met de hand geweven met goud- en zilverdraad.
’s Avonds laat namen wij de nachttrein, van Nellore naar Hyderabath, een reis van acht en een half uur, maar door vertragingen kwamen er drie uur bij (er was daarvoor geen compensatie voorzien). Ook de stadstrein die we moesten nemen was overtijd en het was middag voorbij voor we in ons nieuw gasthuis aankwamen. Het is een gasthuis dat we huren voor ons en voor de familie van Sabitha: Roopkosh (‘Ruppa’), de andere dochter en de moeder van Gaurav en Saurav is nu bij ons, samen met haar twee jongens en Eashu (Maheswara). Met zijn allen gaan we tegen de avond naar Necklace Road, een plaats aan het water, waar je rustig kan zitten om iets te drinken, waar kinderen een speeltuin vinden, waar je romantisch kan eten. Ook Pavanni, de schoondochter van Sabitha is erbij en zoon Tavas (7 jaar). Met die jongen, Eashu en Saurav ga ik in de botsauto’s. Het is hier dus niet altijd serieus.

 
Shreemayi, winkeleigenaar Kalyan, Vaisnavi

 
De sari's worden door mannen aangeprezen.

 
Vaishnavi past een jurk.

 
Het Shivabeeld bij het binnenkomen,
als zegening voor de nieuwe onderneming.

 
Secunderabad, internationaal treinstation van Hyderabath

 
Station Necklace Road (stadsnet)

 
Terrassen aan het water:
Madeleine, Sabitha, Eashu, Roopkosh, Tavas.

 
Saurav en Tavas in de 'bumping cars'
 

donderdag 22 oktober 2015

Een land en een volk feest, op zijn hindoes

Donderdag 22 oktober

In de morgen zie ik het vervolg van het feest van gisteren in de tempel: na negen dagen vasten is het vandaag het hoogtepunt van de Durga. Vandaag zijn de mensen volop bezig met de pudjah (verering) voor auto’s, fietsen, moto’s, vrachtwagens. Ze worden gewassen en versierd. Dan is er een ceremonie: kokosnoten met een kaars op worden tegen de grond stukgegooid. Daarna gaat de vader met een pompoen met vuur rond de voertuigen, driemaal. Ook die wordt stukgegooid: ze spat uit elkaar en het vruchtvlees kleurt de grond als bloed. Het sap wordt over de voertuigen gesmeerd. Het is het bloed van de duivel Mahishasur die verslagen is en vandaag is de dag van de overwinning en van het licht: de god Durga heeft gedood en overwonnen. Overal aan de huizen en de hotels zie je de gebroken  pompoenen liggen, de ingangen zijn met poeder versierd, er branden kaarsen. Er wordt ook niet gewerkt: het is het feest van het nieuwe leven. Het is als een paasfeest voor de hindoes.
Op deze dag vieren de moslims in de omgeving van Nellore ook een feest: Barah Shahid Darga. Het betekent ‘Het schrijn van de twaalf martelaren’. Zij zijn omgekomen bij de eerste inval van de moslims in India rond 850 (onthoofd … en hun hoofden  zouden 80 km verder gevonden zijn). Op deze dag worden zij bijzonder geëerd. Ook 70% hindoes komen voor hen offeren. Zij kopen een doek om te leggen over het graf. Zij strooien bloemen. Er worden kokosnoten gebroken en er wordt suiker uitgedeeld. Wie komt, wordt ook gezegend, met een pauwenveer, die de zegen van het graf overbrengt naar de mens. Daarbij aansluitend daalt men af in het water van het meer van Nellore, om er brood te offeren: als er een wens van jou in vervulling is gegaan (bv. je hebt werk gevonden), gooi je brood in de zee; dat wordt dan opgevangen door iemand met een nieuwe wens, bv. wie een huis wil bouwen, een nieuwe onderneming wil starten, een job zoekt… Zo geeft men de vervulling van de wensen verder. Het zou ooit begonnen zijn met een koning die kinderloos was, daar kwam bidden, brood in de zee wierp, en daarna een zoon kreeg. Het is ‘het festival van het brood’ (rotila panduga). En er hoort een kermis bij. Die start vanavond. Het is vijf dagen een komen en gaan van mensen uit gans India en van daarbuiten, en velen blijven er ook een nacht logeren.
“Hindoeïsme is geen religie, het is manier van leven van mensen in Hindustan (de oude naam van India)”, hoorde ik tot mijn grote verwondering vandaag. Misschien dat ‘moderne’ en ‘gevormde’ Indiërs het zo zien, zo sterk zou ik het niet uitdrukken. Maar hoezeer het hindoeïsme met het land verbonden is, zag je vandaag ook op televisie, tijdens het eten met zijn allen in familiekring: president Modi kwam voor de inwijding en eerste steenlegging van ‘Amaravati’ (‘De stad van Krishna’), hier in de buurt van Nellore. Het wordt een stad in de aard van Brugge en Venetië, met centraal een aantal regeringsgebouwen. De president was de eerste om de eredienst te doen en de rituelen van de priesters te beantwoorden. Hij is duidelijk een promotor van Hindustan.

Dit is dus de dag voor hindoes om met een nieuwe onderneming te starten, bv. een winkel. Ik mocht met Shreema en Vaishnavi mee naar de opening van een winkel voor sari’s. Het was een topervaring, waarover ik morgen zal vertellen. Straks wacht ons een reis in de nachttrein, naar Hyderabath.



 
Zegening met vuur in een kokosnoot die stuk wordt gegooid.

 
Eerst drie keer rond het voertuig gaan,
dan de pompoen stuk gooien.

 
De sporen van het bloed van de duivel die verslagen is,
worden op de voertuigen aangebracht.

 
Alle voertuigen worden eerst gewassen.

 
Een doek wordt gelegd over het graf van een martelaar.

 
Bidden bij de graven van de 12 martelaren.

 
Shreema ontvangt de zegening met de pauwenveer.

 
Offeren van brood in het meer, in dankbaarheid.

 
Doorgeven en ontvangen van de vervulling.

 
De kermis wordt straks geopend.

 
Ook de kinderen in de buurt zijn in feestkleding.